De fascinerende voorspelling over de 2.300 jaren

De fascinerende voorspelling over de 2.300 jaren
De vele profetieën van de Bijbel vormen meer dan tien profetische kettingen, waarvan het merendeel in het verleden met wiskundige nauwkeurigheid is uitgekomen. Wij kunnen daarom gerust van ‘Gods klok’ spreken.
In dit thema zult u meer te weten komen over één van deze profetische kettingen, die ons een reeks fascinerende openbaringen geeft.
Wij volgen hierbij de loop van een interessant stukje geschiedenis: rijken die opkwamen en ten onder gingen, het jaar van de doop en de kruisiging van Christus, het tijdperk waarin de door de antichrist vertrapte waarheid wordt herontdekt, en het begin van de eindtijd.
Kortom, het is de moeite waard om deze profetieën te leren kennen.
De profetie van
In het eerste deel van dit hoofdstuk () vinden we een visioen van deze profeet, waarin hij zich aan de oever van de rivier Ulai bevindt.

Daniël ziet eerst een ram, waarvan de ene hoorn groter is dan de andere. Deze komt uit het oosten en stoot met zijn kop naar drie windrichtingen.
Daarna ziet hij een geitebok met één hoorn tussen zijn ogen uit het westen vandaan komen. Deze rent zo snel dat hij niet eens de grond aanraakt; hij werpt de ram op de grond en loopt over hem heen. “De geitebok maakte zich bovenmate groot, maar toen hij machtig werd, brak de grote horen af, en vier opvallende horens rezen in diens plaats op, naar de vier windstreken van de hemel.”
Uit één van deze vier hoornen ziet Daniël weer een andere hoorn tevoorschijn komen, “die klein begon, maar die zeer groot werd tegen het zuiden, tegen het oosten en tegen het Sieraad.”
In hetzelfde hoofdstuk wordt dit visioen door een engel uitgelegd:
De ram: “Toen ik mijn ogen opsloeg, zag ik, en zie, een ram stond voor de stroom; hij had twee horens, en die horens waren hoog, de ene was echter hoger dan de andere, en de hoogste rees het laatst op. Ik zag de ram stoten naar het westen, naar het noorden en naar het zuiden, en geen enkel dier kon tegen hem standhouden; er was niemand die redden kon uit zijn macht, en hij deed naar zijn welgevallen en maakte zich groot.”

Betekenis: “De ram die u hebt gezien, met de twee horens, doelt op de koningen der Meden en Perzen.”
De opmerking dat de ram naar het westen, zuiden en noorden stoot, wijst op de veroveringstochten van deze koningen naar Babylon, Egypte en Lydië. Is het niet interessant dat deze profetie reeds in het jaar 550 v.Chr. werd gegeven, in een tijd dat Babylon nog de absolute wereldmacht was!
De geitebok: “Maar terwijl ik nauwkeurig acht gaf, zie, daar kwam een geitebok vanuit het westen over de hele aarde, zonder de aarde aan te raken; en de bok had een opvallende horen tussen zijn ogen.”

Betekenis: “De harige geitebok [slaat] op de koning van Griekenland, en de grote horen, die tussen zijn ogen stond, dat is de eerste koning. En dat die afbrak en er vier in zijn plaats kwamen te staan: vier koninkrijken zullen uit het volk ontstaan, maar zonder zijn kracht.”
De eerste koning was Alexander de Grote. De zinsnede “zonder de aarde aan te raken’ is een treffende illustratie van de bliksemsnelle veroveringstochten van Alexander, die in slechts enkele jaren een groter rijk stichtte dan de Perzen in enkele honderden jaren. Binnen acht jaar bezette hij de toen bekende wereld. Zijn heerschappij strekte zich uit van Griekenland tot India. Op het hoogtepunt van zijn macht stierf hij echter, op de leeftijd van slechts 33 jaar.
De vier horens: “De geitebok maakte zich bovenmate groot, maar toen hij machtig werd, brak de grote horen af, en vier opvallende horens rezen in diens plaats op, naar de vier windstreken van de hemel.”
Betekenis: “En dat die afbrak en er vier in zijn plaats kwamen te staan: vier koninkrijken zullen uit het volk ontstaan, maar zonder zijn kracht.”
De vier hoornen verwijzen naar de vier generaals van Alexander, die zijn troon overnamen en het rijk verdeelden: Macedonië onder Cassander, Tracië en Klein-Azië onder Lysimachos, Syrië, Mesopotamië en Perzië onder Seleucos, en Egypte onder Ptolomeüs.
De kleine hoorn: “En uit één daarvan kwam weer een horen voort, die klein begon, maar die zeer groot werd tegen het zuiden, tegen het oosten en tegen het Sieraad... Zelfs tegen de Vorst van het heer maakte hij zich groot, en Hem werd het dagelijks offer ontnomen en Zijn heilige woning werd neergeworpen... en hij wierp de waarheid ter aarde, en wat hij ook deed, gelukte hem... machtigen zal hij verderven, ook het volk der heiligen.”
Betekenis:
De hoorn “die klein begon, maar zeer groot werd” (vers 9), heeft betrekking op de Roomse dubbelmacht: eerst de heidense, daarna de christelijke.
“...die zeer groot werd”: het Romeinse Rijk was het grootste wereldrijk.
Rome kwam in opstand tegen de “vorst van het heer”, Christus, en vernietigde in het jaar 70 n.Chr. de stad Jeruzalem en de tempel.
Nadat het West-Romeinse Rijk ten onder was gegaan, werd de macht van de bisschop van Rome zeer groot. Hij werd de erfgenaam van dit wereldrijk. Het pauselijke Rome is een voortzetting van het keizerlijke Rome en vervulde wat in vers 24 staat: “Machtigen zal hij verderven, ook het volk der heiligen.” Denk alleen maar eens aan de inquisitie, die miljoenen mensen op een verschrikkelijke manier heeft vermoord, enkel en alleen omdat zij de officiële godsdienst niet wilden aannemen.
“Hem werd het dagelijkse [offer] ontnomen.” Het dagelijkse slaat op de voortdurende priesterdienst van Jezus in de hemelse tempel. Het ‘wegnemen’ hiervan gebeurde o.a. door de instelling van de mis, waardoor de priester tot bemiddelaar tussen God en mens werd verheven. Zonder diens tussenkomst, zo beweerde men, ging men verloren.
De keizers van Rome zagen zichzelf graag als god op aarde. De aanspraak op deze goddelijke macht leeft verder in het pauselijke systeem. Het bemiddelende werk van de katholieke priesters is echter volstrekt overbodig. De enige echte Bemiddelaar is Jezus Christus, die in het hemelse Heiligdom als Hogepriester dienst doet om vergeving van zonden voor de gelovigen te bewerkstelligen. “De hoofdzaak van ons onderwerp is dat wij zo’n Hogepriester hebben, die ter rechterzijde van de troon der majesteit in de hemel zit, de dienst in het Heiligdom verrichtend, in de ware tabernakel, die de Heer heeft opgericht, en niet een mens.”
“Daarom kan Hij ook volkomen behouden wie door Hem tot God gaan, aangezien Hij altijd leeft om voor hen te pleiten. Immers, zo’n Hogepriester hadden wij ook nodig: heilig, zonder schuld of smet, gescheiden van de zondaars en boven de hemelen verheven; die niet, zoals de hogepriesters, van dag tot dag eerst offers voor Zijn eigen zonden hoeft te brengen en daarna voor die van het volk, want dit laatste heeft Hij eens voor altijd gedaan, toen Hij Zichzelf ten offer bracht. Want de wet stelt als hogepriester mensen aan die met zwakheid zijn behept, maar het plechtige woord van de eed die na de wet kwam, stelt de Zoon aan, die in eeuwigheid volmaakt is.”
Het eenmalige, volmaakte offer van Christus aan het kruis wordt door het pauselijke Rome kennelijk als niet voldoende beschouwd. Het wordt namelijk bij elke mis herhaald in de hostie, terwijl de vergeving van zonden afhangt van de absolutie die sterfelijke priesters wel of niet willen geven. Op deze manier worden het offer van Jezus en de vergeving zaken waar de katholieke kerk een alleenrecht op denkt te hebben. Door deze praktijken is de waarheid van het hemelse Heiligdom echter met voeten getreden (:10-14).
“..en hij wierp de waarheid ter aarde, en wat hij ook deed, gelukte hem.” De Rooms-katholieke kerk heeft Gods wet veranderd. Zij verving de bijbelse sabbatdag door de zondag en voerde nog andere menselijke wetten en regeltjes in.
“Hoe lang zal dit gezicht gelden...?” Hoe lang zal deze macht de waarheid over het “enige” en “dagelijkse”, namelijk de bemiddeling van Jezus voor de zondaar, kunnen verbergen, censureren en vervalsen? Hoe lang zal Gods volk worden vervolgd en Gods wet worden vertrapt? Hoe lang laat gerechtigheid nog op zich wachten? Het antwoord dat Daniël kreeg, luidde: “Tweeduizend driehonderd avonden en morgens...”
De sleutel om de profetische tijdrekening te ontraadselen
Een profetische dag is gelijk aan een reëel jaar: “...voor elke dag één jaar.” (, z.o. ) Daaruit kunnen we concluderen dat het in deze profetie om 2.300 letterlijke jaren gaat.
De engel gaf Daniël de verklaring van de dieren en de hoornen, maar niet van de 2.300 avonden en morgens. Omdat Daniël dit deel van het visioen niet begreep, piekerde hij hier zo erg over, dat hij ziek werd ().
De profetie van
Na een intens gebed, waarin wij Daniëls verlangen naar God en zijn nederigheid kunnen zien, kreeg de profeet de verklaring van het laatste deel van het visioen uit het vorige hoofdstuk. Hij ontving een toelichting op de mysterieuze ‘2.300 avonden en morgens’ ().
“Zeventig weken zijn bepaald over uw volk...”
De 70 weken waren een deel van de 2.300 jaren, speciaal voor het joodse volk gereserveerd. In deze periode gaf God de joden een bijzondere genadetijd, een laatste kans.
Volgens het bijbelse principe komt een profetische dag overeen met een jaar. Zeventig weken zijn 490 dagen, en dus 490 jaar.
Waarvoor waren deze 490 jaar —de genadetijd voor het joodse volk— bestemd?
“Zeventig weken zijn bepaald [letterlijk: afgesneden] over uw volk en uw heilige stad, om de overtreding te voleindigen, de zonde af te sluiten, de ongerechtigheid te verzoenen, en om eeuwige gerechtigheid te brengen, gezicht en profeet te bezegelen en iets allerheiligst te zalven.”
“.. om de overtreding te voleindigen, de zonde af te sluiten”. Het dieptepunt van de massale afval van het volk Israël was echter de bijna algemene verwerping van de voorspelde Messias, Jezus Christus.
“.. (om) de ongerechtigheid te verzoenen”. Dit gebeurde tijdens de plaatsvervangende offerdood van Gods Zoon.
“.. om eeuwige gerechtigheid te brengen”. De gerechtigheid die Jezus in Zijn zondeloos leven openbaarde, en die Hij aan iedereen geeft die Hem als persoonlijke Verlosser aanneemt.
“.. (om) gezicht en profeet te bezegelen”. De exacte vervulling van alle profetieën over de menswording van Jezus, Zijn dood en opstanding bevestigen dat dit visioen en alle andere voorspellingen in de Bijbel van God komen.
“... (om) iets allerheiligst te zalven”. Aan het einde van de 70 weken (490 jaar), het eerste deel van de 2.300 jaar, werd het hemelse Heiligdom gezalfd. Dit kenmerkt het tijdstip waarop Jezus in de hemel Zijn bemiddelende dienst als Hogepriester begon ().
Vanaf wanneer gaan de 2.300 jaren en de 70 weken in?
“Weet dan en versta: vanaf het ogenblik, dat het woord uitging om Jeruzalem te herstellen...”
Toen deze voorspelling werd gedaan, leefden de joden in ballingschap, was hun land bezet en lag de hoofdstad Jeruzalem in puin. In het zevende jaar van zijn regering gaf Arthaxerxes, de koning van Perzië, echter het bevel om Jeruzalem weer op te bouwen (). Volgens betrouwbare historische gegevens moet dat in 457 v.Chr. hebben plaatsgevonden. Het profetische tijdperk begint dus in het jaar 457 voor Christus.
De profetie over de 70 weken
“Weet dan en versta: vanaf het ogenblik dat het woord uitging om Jeruzalem te herstellen en te herbouwen tot op een Gezalfde, een Vorst, zijn zeven weken; en tweeénzestig weken lang zal het hersteld en herbouwd blijven, met plein en gracht, maar in de druk der tijden. En na de tweeënzestig weken zal een Gezalfde worden uitgeroeid, terwijl er niets tegen Hem is; en het volk van een vorst die zal komen, zal de stad en het heiligdom te gronde richten, maar zijn einde zal zijn in de overstroming; en tot het einde toe zal er strijd zijn, verwoestingen, waartoe vast besloten is. En Hij zal het verbond voor velen zwaar maken, een week lang; in de helft van de week zal hij slachtoffer en spijsoffer doen ophouden; en op een vleugel van gruwelen zal een verwoester komen, en wel tot aan de voleinding toe, en waartoe vast besloten is, dat zal zich uitstorten over wat woest is.”
Deze 70 weken (490 jaren) zijn in verschillende tijdvakken verdeeld, waarin verschillende gebeurtenissen plaatsvinden.
De engel Gabriël verdeelde de 70 weken in drie perioden:
Eerste periode: 7 weken = 49 jaar; van 457 tot 408 v.Chr.
In deze tijd moesten de tempel en de stad worden herbouwd.
Tweede periode: 62 weken = 434 jaar; van 408 v.Chr. tot 27 n.Chr. Na deze 434 jaar zou de ‘Gezalfde’ (Hebreeuws ‘Messias’, Grieks ‘Christus’) met Zijn missie beginnen. Zalving met olie symboliseerde in de tijd van het Oude Testament de vervulling met de Heilige Geest (zie ). In het leven van Jezus van Nazaret gebeurde dit nadat Johannes Hem in de Jordaan had gedoopt (, ).
Derde periode: 1 week = 7 jaar; van 27 tot 34 n.Chr. In deze jaren werd het evangelie aan de joden verkondigd (Mattteüs 10:5-8). Midden in deze week, 31 n.Chr., zou de offerdienst in de aardse tempel overbodig worden. Als symbool hiervan scheurde bij de kruisdood van Jezus het zware gordijn van de tempel van boven naar beneden (). Het stelsel van offerdiensten, dat slechts een verwijzing naar het offer van Jezus was, werd door Zijn dood zinloos.
Met de steniging van Stefanus in het jaar 34 n.Chr. eindigde dit tijdperk. Het joodse volk verwierp definitief de Messias en de eerste christenen werden vervolgd. De bijzondere tijd van genade voor Israël als volk was daarmee definitief voorbij.
“.. en het volk van een vorst die zal komen, zal de stad en het heiligdom te gronde richten...”
Nadat de bevolking tijdens een lange belegering was uitgehongerd, werd de stad in het jaar 70 n.Chr. door het Romeinse leger onder leiding van generaal Titus ingenomen. Jeruzalem en de tempel werden totaal verwoest, en in deze bloedige oorlog kwamen in totaal meer dan een miljoen joden om het leven.
De vervulling van deze profetie (en in het bijzonder de nauwkeurige tijdsaanduidingen) bewijst onomstotelijk dat de Bijbel waar is, door God geïnspireerd! Het uitkomen van de voorspelling over de 70 weken bevestigt het feit dat Jezus Christus de beloofde Gezalfde is. Er is geen enkele reden om daaraan te twijfelen!
Wanneer liepen de 2.300 avonden en morgens ten einde?
De 70 weken of 490 jaar beslaan de periode van 457 v.Chr. tot 34 n.Chr. Er blijven dan nog 1810 jaar over, zodat de 2.300 jaar in 1844 n.Chr. moeten eindigen.
Voor Daniël lag dit tijdstip nog vér weg. “En het gezicht van de avonden en de morgens, waarvan werd gesproken, dat is waarheid. Houd nu het gezicht verborgen, want het ziet op een verre toekomst.”
“En [hij] zei: ‘Zie, ik maak u bekend wat er zal gebeuren in het laatst van de gramschap; want het doelt op het tijdstip van het einde.”
We leven in een ernstige tijd, de tijd van het einde. Het zijn de laatste uren op de wereldklok van God — misschien ook voor ons persoonlijk leven. We zijn gelukkig te prijzen als wij Jezus Christus als onze persoonlijke Hogepriester en Bemiddelaar aannemen, en zo bij het oordeel door Zijn genade vrijspraak krijgen.

Je kunt nu direct verder
Ga meteen door wanneer je wilt. Voor tijd om na te denken adviseren we ongeveer één studie per week, maar jij bepaalt je eigen tempo. De Bible Quiz is vrijwillig.
Bible Quiz · vrijwillige uitdagingDurf je te testen wat je hebt ontdekt?
Tien korte vragen, één voor één. Verzamel ontdekkingspunten en bekijk daarna direct de uitleg.
Open vragenlijst+
Durf je te testen wat je hebt ontdekt?
Tien korte vragen, één voor één. Verzamel ontdekkingspunten en bekijk daarna direct de uitleg.
